17 september 2016

Beste medegelovigen,
Toen ik de lezingen van dit weekend onder mijn ogen kreeg, dacht ik…..daar gaan we weer. De zoveelste keer dat we lezingen hebben over de manier waarop wij mensen moeten omgaan met bezit.
De manier waarop wij mensen met ons bezit omgaan is zeer centraal in het Oude en Nieuwe Testament, en dus ook in onze geloofskernen.
Want onze leefwijze beïnvloedt de plaats die God zelf en onze medemensen in ons leven innemen. Wie de mammon- de God van het geld-dient kan God niet dienen, zegt het evangelie. Waar uw schat is, zal ook uw hart zijn, hebben we enkele weken gehoord. Als je niet vrij bent van bezit, ben je ook niet vrij voor de Godsrelatie, zo wil de boodschap duidelijk maken. En als je al je bezittingen opstapelt, lijden andere mensen daaronder.
Dit hoorden we in de eerste lezing waar de profeet Amos aan het woord is. Hij geloofde in Jahweh die eens het kleine, zwakke Israël bevrijd had uit het slavenhuis Egypte. Hij was ervan overtuigd dat geloven in God duidelijke consequenties heeft voor je eigen leven. Je moet opkomen voor sociale rechtvaardigheid, partij kiezen voor de zwakken.
Zijn roeping is begonnen in een jaar dat het echt slecht ging met de landbouw. Een sprinkhanen plaag werd gevolgd door een grote droogte. Het waren vooral de arme boeren die daaronder leden. Amos vond dat onrechtvaardig. En dit liet hem niet meer los. En hij ontdekt dat de handel oneerlijk is. Wie het voor het zeggen heeft verkleint de korenmaat, verhoogt de prijs, vervalst de weegschaal. Met geld maken zij de armen tot slaaf, ze verkopen de arme.
Amos was eigenlijk geen beroepsprofeet, maar een gelovige die zo scherp zag wat er in zijn dagen aan de hand was, dat hij het niet kon nalaten daarover te spreken.

Ook in het evangelie gaat het over geld. Als je het voor de eerste keer hoort kan je het niet goed begrijpen. De rentmeester fraudeert, maar wordt toch door zijn Heer geprezen! Wat gebeurt hier? De rentmeester heeft het tot nu toe breed laten hangen met het geld van zijn heer. Hij had het in het beheer, maar deed of het zijn bezit was. Nu wordt hij ontslagen, maar zorgt er snel voor, dat hij bij de schuldenaars van zijn heer in de gunst komt. Hij schelt ze een deel van hun schuld kwijt. Ben je honderd vaten schuldig? Schrijf dan vijftig. Honderd maten tarwe? Schrijf dan tachtig. Het lijkt of hij op die manier zijn heer extra benadeelt, maar dat is waarschijnlijk niet waar. De rentmeester had die schuld eerst al flink verhoogt, om zichzelf een bedrag te reserveren. Woekerrente! Dat was verboden in de thora, daarom had de rentmeester zijn winst weggemoffeld in de totale schuld. Dat deel trekt hij er nu weer af. De heer prijst hem erom, hij heeft het verstandig aangepakt. Hij handelt echter niet uit meevoelen, maar wel uit eigenbelang. Ik geef opdat jij zou teruggeven. Dat is ook vandaag de dag maar al te vaak het motief dat mensen het vlugst in beweging brengt.
Goede relaties tussen landen maar ook tussen families of individuele mensen, zijn gebaseerd op uitwisseling, op wederzijdse erkenning. En geld speelt daar een grote rol in: de uitwisseling en wederzijdse erkenning zijn er niet, als rijkdom en macht zich eenzijdig aan één kant ophopen.
En zo komen we tot de kern van wat Jezus ons vandaag wil meegeven: bezit is er niet om mensen te isoleren of tegen elkaar op te zetten maar wel om gemeenschap te stichten, om vriendschapsbanden te smeden.
Wie deelt van zijn bezit zal, wanneer hij het nodig heeft, zelf ook vrijgevigheid en steun ondervinden.
Misschien moeten wij deze uitspraak ook omdraaien: wie niet of onvoldoende meedoet aan die uitwisseling van rijkdom en erkenning, komt op zeker moment in de problemen. Op die manier werpt de parabel van vandaag ook wel een schril licht op het isolement, waarin sommige mensen zich bevinden: hoeveel mensen gaan hun bezit niet met zulke zware middelen beveiligen, dat hun woonst een gesloten burcht wordt, eigenlijk onbereikbaar voor ander mensen? Maar ook landen of werelddelen kunnen zich opsluiten. In hoeverre is de dag van vandaag Europa geen gesloten burcht geworden? Zo heeft de parabel van vandaag ook iets te zeggen over de crisis, waarin in Europa en geheel onze wereld nu verkeert. Het ‘delen’ maakt fundamenteel deel uit van de oplossing.
Zou onze tijd er toch niet verstandig aan doen om Jezus’ goede raad te volgen en, zoals de rentmeester in het evangelie, ons profijt van het ‘delen’ becijferen? Meer delen betekent dat we zelf meer vriendschap en respect, en minder haat, minder geweld en minder nodeloos verdriet zullen zaaien en ondervinden.

Verwante berichten

2e zondag advent: 5-6 dec... _______________ _ Kromme wegen recht maken_ De advent is een uitermate rijke tijd op liturgisch vlak met mooie lezingen en het bijhorend ritueel van de adventskrans met
30e zondag: 24-25 oktober... Beste Medegelovigen Bij het voorbereiden van deze homilie kwam ik tot de bedenking, dat wij in ons leven ook momenten hebben van blindheid. We zeggen wel eens:
11-12 juli 2020 Beste medegelovigen, Met de “lockdown” van de voorbij maanden, heb ik heel veel in onze tuin gewerkt. Ik heb genoten van de natuur dank zij de warme
09-10 juli 2016 Beste medegelovigen In de eerste lezing uit het Oude Testament hoorden we hoe Mozes het Joodse volk oproept om de voorschriften en de wetten te onderhouden en
3-4 oktober 2020 Moord in de wijngaard 04/10/2020 Twee lezingen, twee verhalen over een wijnbouwer die niet oogst wat hij op basis van zijn investering zou mogen verwachten. De wijngaard
27e zondag: Preek van 3-4... Beste Medegelovigen, Er zijn bijbelteksten waar ik het moeilijk mee heb. Zoals vandaag.” Staat het een man vrij zijn vrouw te verstoten? ”Of : Dat een vrouw
28-29 mei 2016 Beste medegelovigen Het verhaal van de honderdman in Kafarnaüm, dat we vandaag uit het evangelie van Lucas mochten beluisteren is een vreemd voorbeeld van geloof. Net omdat
Preek 20-21 juni 2020 Wees niet bang. Wees niet bevreesd. Wees dus niet bevreesd.’ Zusters en broeders, drie keer zegt Jezus dat we niet bang moeten zijn, maar we weten dat
2-3 april 2016 Beste mensen, Na zijn kruisdood is Jezus na drie dagen met Pasen verrezen, en toch heerste er nog onrust bij Jezus’ volgelingen. De leerlingen van Jezus waren
27-28 augustus “Kom mannekens, aan tafel!” Waarschijnlijk hebben de meesten onder ons nog verre –misschien heel verre- maar gelukkige herinneringen hoe we vroeger door moeder aan tafel geroepen werden.