Preek 20-21 juni 2020

Wees niet bang. Wees niet bevreesd. Wees dus niet bevreesd.’
Zusters en broeders, drie keer zegt Jezus dat we niet bang moeten zijn, maar we weten dat dit niet altijd gemakkelijk is. Allen hebben we een vreselijke periode achter de rug, en we weten niet eens of de pandemie voorbij is en of ze in de herfst niet terugkomt. Sommigen onder ons zijn misschien ziek, zelfs zeer ziek geweest, of hebben een dierbare verloren, misschien zonder afscheid te kunnen nemen. Maar ook zonder die pandemie is er veel waar velen bang voor zijn. Het hoeft immers echt geen vreselijk virus te zijn om ons bang te maken.
Wees niet bang. Zegt Jezus ons vandaag;
Hoe kan ik dat weten? Hoe kan ik weten dat ik niet bang moet zijn? Waarom zou ik moeten geloven dat die God het echt goed met mij meent, dat Hij, zoals Jezus ons dat altijd weer verzekert, ons echt opvangt, dat ik door Hem gedragen word en dat ik helemaal blind op hem kan vertrouwen? Wie zegt mij dat het ook werkelijk zo is? Ik denk dat iedereen die zich met God bezighoudt, altijd weer met die vragen in zijn hoofd zit. Wie kan mij garanderen dat ik werkelijk op die God kan vertrouwen? Ik vrees dat het antwoord op die vraag in wezen heel eenvoudig is. Het antwoord luidt namelijk kort en bondig: niemand! Er is niemand die me dat echt kan garanderen. Niemand die uiteindelijk al mijn twijfels zou kunnen wegnemen.
Misschien is het een beetje zoals bij een klein kind dat in het zwembad op de rand van het bad zit en waar zijn mama tegen roept: „spring maar, ik vang je wel op! Je moet niet bang zijn, je gaat niet onder, ik hou je wel vast!” Wie garandeert dat kind dat het ook werkelijk zo zal zijn? Wie kan aan dat kind de garantie geven dat zijn moeder het ook echt zal opvangen en vasthouden? Het kind kan niets anders doen dan het gewoon proberen. Gewoon in het water springen in de hoop dat het wel goed zal aflopen.
De eerste keer zal het dat waarschijnlijk heel aarzelend doen, even wachten, dan een aanloopje nemen en terug inhouden, en dan uiteindelijk na opnieuw door zijn mama te zijn aangemoedigd, toch te springen. En wanneer het kind dan door zijn mama opgevangen werd, wanneer het ondervonden heeft hoe geweldig dat kan zijn om zich helemaal op een ander te kunnen en te mogen vertrouwen, want mama heeft me werkelijk opgevangen en niet laten vallen, dan weten we toch allemaal hoe een kind dan reageert. Wanneer het kind de eerste keer heeft durven springen, en wanneer het dan met veel gespat in de armen van zijn mama is beland, dan komt in de regel direct als eerste reactie: „Mama, nog een keer!“
Het Evangelie van vandaag wekt in mij de indruk dat God ons, juist zoals die mama in het zwembad van daarnet, ook toeroept: “Spring toch, ik vang jullie wel op! Jullie moeten niet bang zijn, ik laat jullie nooit vallen want jullie zijn immers toch veel meer waard dan duizend mussen!”
Een garantie op wat Hij ons daar zegt, die is er niet. Maar we hebben het toch allemaal al beleefd. Wanneer we op ons eigen leven terugblikken en zo menige situatie bekijken waarbij het nog net goed voor ons is afgelopen, en waarvan we achteraf bekeken moeten zeggen: “menslief, daar heb ik toch werkelijk geluk gehad!” Wanneer we aan een dergelijke gebeurtenis in ons leven denken, dan kunnen we ontdekken dat die God ons reeds meerdere keren in het verleden opgevangen en vastgehouden heeft. Dan zouden we ons toch ook zo moeten voelen als dat kind dat door zijn moeder voor de eerste keer werd opgevangen en duidelijk aanvoelde: “Ja het is waar, ze vangt me op, en laat me niet los in het water.
Ik mag op God vertrouwen, niet omdat er ergens iemand zou zijn die me daar een garantie voor geeft, en zeker ook niet omdat ik alles zou begrijpen wat Hij doet. Ik kan op Hem vertrouwen omdat Hij me al zo dikwijls heeft aangetoond dat Hij me niet in de steek laat. Want wanneer ik dat een keer heb meegemaakt, dan kan ik erop vertrouwen dat ik het ook in de toekomst met die God kan wagen. Amen

Zusters en broeders, vandaag is het 21 juni, dus begint de zomer. Wel, laten we er in ons leven en in ons geloof een echte zomer van maken. In ons leven door niet toe te geven aan gevoelens van angst en onzekerheid, en ook niet aan gevoelens van onverschilligheid en egoïsme. En in ons geloof door zonder vrees te luisteren naar de woorden van Jezus, en zijn daden tot de onze te maken. Zijn woorden en daden van liefde en vrede in ons eigen leven tot leven te wekken. Maar ook zijn woorden en daden die aanzetten tot eerlijkheid en gerechtigheid. Als we dat doen, hebben we helemaal geen reden meer om bevreesd te zijn, want God is dan altijd met ons. Amen.

Verwante berichten

2e zondag advent: 5-6 dec... _______________ _ Kromme wegen recht maken_ De advent is een uitermate rijke tijd op liturgisch vlak met mooie lezingen en het bijhorend ritueel van de adventskrans met
17 september 2016 Beste medegelovigen, Toen ik de lezingen van dit weekend onder mijn ogen kreeg, dacht ik…..daar gaan we weer. De zoveelste keer dat we lezingen hebben over de
03-04 september 2016 “Als iemand naar mij komt, die zijn vader en moeder, zijn vrouw en kinderen, zijn broers en zusters, ja zelfs zijn eigen leven niet haat, kan hij
18-19 juni 2016 Beste Medegelovigen, Stel je eens even voor. Je ziet iemand , die aan het bidden is…en je komt er voorbij en die mens vraagt je…wat denken de
13-14 februari 2016 Beste medeparochianen, Een tijdje geleden las ik in de krant iets dat me wel raakte. Het ging over Yao Kouassi Gervais, of beter gezegd Gervinho – want
23-24 juli 2016 Beste medegelovigen, Wij mensen wij veranderen, wij groeien, wij evolueren. Ieder van ons is nu anders dan 20 jaar geleden. Niet alleen omdat het aan ons te
29e zondag: 17-18 oktober... Zondag 18 oktober 2015 Wil je besturen, dan moet je dienen Mc 10.35.45 Beste medegelovigen, Jezus wees zijn ruzieënde leerlingen er op: ‘Jullie weten dat de zogenaamde
09-10 april 2016 Overweging Handelingen 5,27b-32.40b-41 Johannes 21,1-19 “Ik ga vissen,” zegt Petrus. “Wij gaan mee,” is het antwoord van de andere apostelen. Wat doe je, als je leven op
1-2 oktober 2016 In de eerste lezing zien we de profeet Habakuk die het onrecht en de ellende in de wereld niet langer kan aanzien. Hij wil dat het stopt,
04-05 juni 2016 Overweging 1 Koningen 17,17-24 Lucas 7,11-17 God laat zich ontroeren door uitzonderlijk lijden. En welk een lijden! In de eerste lezing gaat het om een moeder wier
30e zondag: 24-25 oktober... Beste Medegelovigen Bij het voorbereiden van deze homilie kwam ik tot de bedenking, dat wij in ons leven ook momenten hebben van blindheid. We zeggen wel eens: