23-24 september

25 e zondag dhj A 2023

Met een groepje kinderen tussen 10 en 12 jaar had ik een boeiend gesprek naar aanleiding van de parabel over de gulle eigenaar en de aangeworven dagloners.  Mijn eerst vragen waren vrij onschuldig: ik vroeg hen of het rechtvaardig is dat de ene papa of mama meer verdiende dan de andere?  En als ze niet gaan werken omdat ze ziek zijn of depressief moeten ze dan ook hun loon ontvangen?  De antwoorden waren nogal verschillend maar toch kon men ermee leven dat er verschillen zijn, want sommige jobs zijn zwaarder of soms gevaarlijker.  Een meisje maakte de bedenking dat wel iedereen genoeg moet krijgen om te leven, een verassend mooie gedachte op die leeftijd.

Daarna stelde ik een dwingender vraag: stel je voor dat je voor je mama een klusje hebt opgeknapt en ze je daarvoor een ijsje geeft, maar daar komt je broertje binnen van de voetbal en ook hij krijgt zomaar een ijsje: vind je dat rechtvaardig?  Bijna iedereen vond het onrechtvaardig, want die broer had het niet verdiend.  Toen moest ik hen confronteren met de parabel waarin wordt verteld dat aan het einde van de dag de eigenaar aan alle dagloners eenzelfde loon gaf.  Dat dankzij die gulheid ook de gezinnen van wie het laatst was aangeworven konden overleven, vond met heel terecht, maar het gevoel bleef er. Helaas, niet alleen kinderen kijken en vergelijken, ook volwassenen doen zo.

Maar misschien moeten we de zaak ander bekijken, en ons afvragen wie die arbeiders zijn.  En dan weten we: die van het eerste uur zijn de knapsten.  Dat zijn die met het hoogste diploma, de meest ervaring en de beste komaf.  Dat zijn zij die al generaties lang op gelijk welk domein topfuncties bekleden.  En die van het laatste uur zijn de kansarmen.  Dat zijn jongeren zonder ervaring of zonder diploma.  Dat zijn volwassenen of ouderen die vak ziek zijn, hulpbehoevend of gehandicapt.  Dat zijn vreemdelingen of migranten die niemand vertrouwt.  Maar dat kunnen wij ook zijn, want ook wij hebben goede en kwade dagen.  Ook wij zijn misschien te oud om nog voluit te kunnen presteren, ook wij zijn misschien soms ziek en hulpbehoevend.

Sociaal gezien toch bijzonder dat Jezus het recht op een minimuminkomen verdedigt.  Eindelijk eten voor het gezin.  Natuurlijk had die eigenaar aan de eersten ook meer kunnen geven dan was overeengekomen.  Dan zou het principe ‘loon naar werk’ overeind zijn gebleven, maar de parabel wil iets anders zeggen. Zoals altijd in parabels is het ongewone de motor om de boodschap die ze wil brengen te achterhalen.

Jezus wil dat zijn volgelingen een grondige bekering doormaken zodat ze anders gaan kijken, en een andere houding aannemen zoals die van de eigenaar.  In het dagelijks leven zijn mensen altijd bezig met vergelijken.  Ze verlangen naar datgene dat anderen hebben.  Door te vergelijken worden ze jaloers op wie meer heeft of wie iets heeft dat zij niet hebben.  René Girard maakt er met zijn theorie over de mimesis de basis van zijn filosofie van.  Mensen willen bezitten wat ook de anderen hebben, maar gezien het tekort leidt dat tot spanning en conflict.  Ik kan dan moraliserend zeggen: we moeten leren leven met genoeg voor onszelf en met genoeg voor iedereen, maar ook dat werkt niet.  Men kruipt slechts uit dit patroon van nabootsen en vergelijken als men een ander principe wordt verroerd vb een religieus motief.  De parabel wil daarom meer dan sociale rechtvaardigheid en om dat te bereiken maakt ze een sprong van het alledaagse naar het spirituele.

Hetzelfde principe komt hier terug: Jezus wil meer dan moraliserend wijzen op het belang van voldoende om te leven (hoe belangrijk die idee ook is), Hij wil zijn volgeling gevoelig maken voor de grootmoedigheid en gulheid van de eigenaar, van God.  Wie dat een heeft mogen ervaren, houdt op met vergelijken.

Zusters en Broeders, in de eerste lezing zegt God de Heer: ‘Uw gedachten zijn niet mijn gedachten, mijn wegen zijn niet uw wegen’. Het zou goed zijn als we die woorden in ons zouden opnemen.  We moeten immers echt geen moeite doen om God te begrijpen, en nog minder om Hem voor te houden wat hij moet doen en wat Hij niet mag doen. Wat we wel moeten doen is ons inzetten voor zijn wijngaard van liefde, vrede en vreugde, niet alleen voor onszelf, maar voor alle mensen.

Verwante berichten

2e zondag advent: 5-6 dec... _______________ _ Kromme wegen recht maken_ De advent is een uitermate rijke tijd op liturgisch vlak met mooie lezingen en het bijhorend ritueel van de adventskrans met
Nieuwsbrief OKRA
19-20 febr. 20         Bemin uw vijanden, wat wil dat zeggen anno 2022         Lucas 6,27-38 “Bemin uw vijanden, doet wel aan die u haten…” “Als iemand u op de ene
29-30 jan. Accepteren  wij de Blijde Boodschap?                                             30/01/2022 Het pad van een profeet loopt zelden over rozen. Profeten ondervinden tegenstand, ze zijn tegendraads  in hun boodschap. Zij praten de
startviering 18 september... Beste medeparochianen, Ja voor onze start hebben wij met de liturgische werkgroep gekozen om dit jaar het thema “ bouwen” te nemen. We vonden het heel toepasselijk
10-11 oktober 2020 Vooraf Vandaag laat ik, Patrick Van der Straten, mijn preek brengen door een ander. Ik vertoef in een omgeving waar nog wat mensen verblijven maar niet bij
03-04 september 2016 “Als iemand naar mij komt, die zijn vader en moeder, zijn vrouw en kinderen, zijn broers en zusters, ja zelfs zijn eigen leven niet haat, kan hij
14-15 mei 2016 Pinksteren 2016 Gods geest Hand.2,1-11 Jo 14,15-16.23b-26 Beste medegelovigen, De bekende en lang omstreden theoloog Hans Küng vertelt in zijn memoires over zijn vele oecumenische contacten met
29-30 aug.2020 Beste medeparochianen 29-30 augustus 2020 Heer God, Gij hebt mij verleid, ik ben bezweken. Gij waart mij te sterk, ik kan niet tegen U op. De hele
13-14 augustus Beste medegelovigen, Zoals zo dikwijls hoorden we lezingen die in onze tijd gesitueerd kunnen worden. In de eerste lezing wordt Jeremia door zijn tegenstanders in een vervallen
9-10 januari 2016 Zondag 10 januari 2016 Jezus gaat zich laten dopen. Lc3,15-16.21-22 Als wij horen spreken over een doopsel zien we waarschijnlijk in onze verbeelding een babytje op de